Congres Levende Talen – in den LIJVE!

door Amy Klipp 

Op 14 oktober was het al zo ver – Levende Talen was weer ‘live’.  Het was fijn om weer onder de mensen te zijn, en de aanbod in workshops was zo ruim, dat ik het liefst twee dagen had gehad om alles bij te kunnen wonen.  Na een vliegende start in de vorm van een ‘kort geding’, gingen de workshops los. 

Mijn eigen aandeel in dit Congres was het opzetten van een aantal workshops waarbij de focus lag op het toetsen van Engels spreek- en gespreksvaardigheid op de pabo.  Als docent Engels op de Hogeschool Leiden, lid van de stuurgroep Vedocep (Vereniging Docenten Engels van de Pabo’s) en vicevoorzitter van het sectiebestuur Engels vond ik dit een uitgelezen kans om mijn collega’s Engels bij elkaar te brengen voor een dag van samenwerking en gesprekken voeren in het kader van harmonisering.   

Toekomstige leraren in het basisonderwijs moeten het Engels op ten minste B2 niveau van het ERK kunnen spreken, een vaardigheid die wij docenten zelf moeten kunnen aftoetsen.  Zodoende startten we de dag met een training: het verschil leren horen tussen sprekers van B1 en B2.  Onze spreker zette ons allemaal aan het denken met zijn input, liet ons aan de slag gaan met een voorbeeld en hielp ons begrijpen waarom de kandidaat wel of niet voor een toets spreekvaardigheid op B2 niveau zou slagen.  Deze oefening zal vast en zeker leiden tot betere toetsing van onze studenten. 

In de volgende workshop spraken we met elkaar over het verlenen van vrijstellingen voor deze toets.  Er is veel verscheidenheid in beleid over dit onderwerp en we vonden enige mate van overzicht en goede richtlijnen wenselijk, om zo de kwaliteit van onze curricula te borgen.  Tot een gezamenlijke conclusie zijn we niet gekomen, maar het gesprek leverde wederom mooie inzichten op.  

Tijdens de laatste ronde hadden we een rondetafelgesprek waarbij we onze toetsmateriaal met elkaar deelden.  Zoals men zegt: alleen kun je snel, maar samen kom je verder.  Handelend in deze geest lieten we elkaar onze materiaal en nakijkmodellen zien, zodat we van elkaar kunnen leren. 

Alles bij elkaar vonden mijn collega’s en mijzelf het congres een rijke, betekenisvolle dag.  Na al die jaren van online bijeenkomsten was het heerlijk om elkaar in het echt te kunnen zien en met elkaar over onze lievelingsvak te kunnen spreken. 

Bedankt, Levende Talen, voor de organisatie van dit congres! 

 

————————————————————————————————————

The 2022 Nationaal Congres Engels

Personally, I hadn’t attended a conference since late 2019. What came next is (and hopefully stays) history to all. So I was thrilled and looking forward to the Nationaal Congres Engels, which took place at The Reehorst on 3 October 2022 and tried to provide an answer to the question: What English do we teach?

We took off on a keynote by Tom Kiddle who explored with us the role of the English language teacher in the coming decade: What’s the relevance of the language teacher in the rapidly changing and developing world of artificial intelligence? Will there still be a need for language teachers when simultaneous translation by technology is within our grasp? Together we explored the five key FL teacher competences in the 2020s: language awareness, language testing and assessment literacy, environmental awareness, digital literacy and use of technology and integration of language and content.

To take a personal stance on the latter: I strongly believe that if we want students to experience the relevance of FL proficiency we need to teach them that linguistic competence not only helps us communicate but also takes us to realms of knowledge and wisdom that otherwise would not lie at our disposal. 

I was happy to attend this year’s conference as a member of the audience and as such could participate in two out of a total of 28 workshop sessions, which I found very inspiring: in the morning session Dave Spencer explored with us effective strategies to activate student critical thinking in the FL classroom, whereas Robert Hill helped us revisit a medieval story while posing suggestions for use of creative writing techniques in class. 

Reflecting on today’s conference I felt that above all, coming together with so many colleagues was not only inspiring but also revived a sense of togetherness: As educators we are not alone, we should know there is and every now and then actively seek professional development through live professional dialogue. How fortunate we are that conferences like these still exist and that people like Christien van Gool and her team put in the effort to organise these platforms for professional exchange.  

I look forward to seeing you at next week’s Levende Talen Conference, too!

——————————————————————–

Farewell to a remarkable monarch and woman:

HM Queen Elizabeth II

She was a rock of clam and stability for her nation and beyond.

————————————————————————–

IATEFL-conferentie: 24 – 27 mei 2022 Belfast

door Janice Wierenga

Dit jaar ging ik voor het eerst naar de IATEFL-conferentie. Het was een fantastische ervaring! Ik heb vier dagen volop kunnen genieten van workshops, lezingen en interessante gesprekken met leerkrachten van over de hele wereld die net als ik een passie hebben voor het geven van Engelse lessen. Als leerkracht in het basisonderwijs waren er voor mij veel interessante bijeenkomsten om uit te kiezen. Sterker nog; ik had op de meeste dagen zelfs last van keuzestress, omdat elke workshop en/of lezing slechts één keer werd aangeboden gedurende de hele conferentie. Mij is uitgelegd dat dit bewust zo wordt gedaan, zodat zoveel mogelijk mensen de kans krijgen om iets aan te bieden. Een mooie gedachte!

 

Het congres werd op dinsdag geopend door dr. Nayr Ibrahim. Ze sprak over ‘(Re)imagining and (re)inventing early English language learning and teaching.’ Kinderen zijn volgens haar nieuwsgierig, open, leven in het hier en nu, willen experimenteren en zijn geen kleine volwassenen. Ze kunnen meerdere talen simultaan leren, al zullen ze daarbij nog regelmatig de talen mengen (code-switching of codewisseling). Dit is heel normaal. Ook: als leerkracht hoef je geen mooi accent te hebben. Wees als leerkracht een voorbeeld voor je leerlingen en draag je eigen identiteit uit.

 

Ook op woensdag, donderdag en vrijdag begon de dag met een plenaire sessie

door een gerenommeerde spreker. Daarna volgden steeds 9 rondes van 30 – 45 minuten, waarbij je per ronde uit 15-20 verschillende workshops of lezingen kon kiezen. Je kunt je op de IATEFL-conferentie dus makkelijk de hele dag van 9.00 – 18.00 uur vermaken. De eerste dag heb ik dat ook gedaan, maar op de andere dagen heb ik af en toe wel even een ‘informatie-pauze’ genomen en genoten van Belfast. Zo’n lang en groot congres kan op sommige momenten namelijk best een beetje intens zijn.

 

In totaal heb ik meer dan 25 bijeenkomsten gevolgd over uiteenlopende onderwerpen, bijvoorbeeld over het ERK, luistervaardigheid, spreekvaardigheid, literatuur/leesonderwijs, lesontwerpen en toetsing. Maar ook een lezing over creativiteit tijdens de Engelse les, inclusiever onderwijs, hogere orde denkvaardigheden, het gebruik van verhalen van vluchtelingen en het toepassen van muziek in de les. Bijna alle workshops en lezingen waren van een hoog niveau en heel waardevol voor mijn eigen onderwijspraktijk. De meest waardevolle lessen die mij zijn bijgebleven zijn:

  • Strategische vaardigheden aanleren is voor leerlingen heel belangrijk, bijvoorbeeld: wat kan je doen als je de leerkracht niet helemaal begrijpt als hij/zij in het Engels praat? (Workshop van Neil Bullock: Strategies for active listening. Reconnecting the real-world with the classroom)
  • Maak een omgekeerd lesplan: wat wil je bereiken (doelen/resultaten) en hoe wil je dat meten/weten? Ontwerp daarna pas je instructie. (Workshop van Khanh-duc Kuttig: Developing classroom language skills – ideas for course design)
  • Een leerling moet iets van zichzelf kunnen herkennen in een verhaal. Dit kun je als leerkracht bereiken door een kindgerichte benadering, waarbij je vragen stelt die aanzetten tot nadenken en koppelingen aan de eigen situatie (personalisatie). (Workshop van Rebecca Adlard: It’s all about me: a child-centred approach to readers)
  • Stel eens een keer geen vragen tijdens of na het voorlezen van een verhaal. Laat het verhaal rustig op hen inwerken en ga er pas de volgende keer weer mee verder. (Workshop van Jeanne Perrett: Using stories in the pre-primary and primary classroom)

 

Ik kan jullie de IATEFL-conferentie allemaal van harte aanbevelen. Volgend jaar wordt de conferentie in Harrogate gehouden. Het Sectiebestuur Engels van Levende Talen zal in het najaar weer een beurs beschikbaar stellen, schooljaar ’22-‘23 voor docenten Engels in het mbo, dus grijp je kans en houd dit goed in de gaten!

———————————————————————————-

Teaching is a team sport

by Amy Klipp

Some years ago, I attended a ‘study day’ for English teachers in Dutch primary education.  During the round of introductions, I heard teacher after teacher describe their work and the obstacles they faced as the only subject teacher in their school.  Each teacher described similar problems: the constant switching between classes, carrying bags full of materials from lesson to lesson; designing inspiring, activating and differentiated lessons along with the materials needed to support the special needs children; keeping track of each child’s progress and writing report cards two or three times each year.  I was struck by how alone we each were in our work despite the commonality of our task, and decided to try to make a change in this aloneness as soon as I could.  We were like islands in the stream of education, united in our purpose but separated by the rushing water of clashing schedules and distant schools.

When I later started teaching at a teacher training college, I encountered a similar situation: again, I was the only English teacher in the department.  On the one hand, that meant I had a lot of freedom to do whatever I wanted, but I missed having a sparring partner to bounce ideas off of or who could take over if needed.  I was on completely new ground and really needed someone who could help.  I searched around and found Vedocep, the ‘Vereniging Docenten Engels op de Pabo’.  I was pleased to have found a group of enthusiastic peers who could help me in my new work setting and attended our twice-yearly meetings.

During the lockdown, Vedocep was pushed to the back burner as our collective focus went into dealing with the challenges covid presented.  It was tough going, and I soon realized that if there was any time we needed to work together, this was it.  I reached out to a few fellow teachers, and we decided to give Vedocep a much-needed dusting off and breathe fresh life into its existence.  This year we have started online meet-ups to share our good practices and talk about important issues.  We’re starting to reach out once again, to share and collaborate during our meetings.

These official meetings provide inspiration, but also space to get to know my colleague-peers in other schools.  We get in touch with each other informally in-between times, to talk about our work, our lessons, and exchange materials.  These conversations provide fuel for the fires of inspiration and help us keep moving forward, despite the setbacks we’ve encountered in past years.  During the lockdowns, we have become adepts at online contacts, able to get together for a ‘cup of coffee’ even though we live and work hours apart.  The rushing waters of time and space are becoming less relevant as we learn to create bridges between our islands through Teams, Zoom, and Whatsapp.

This networking experience is something I wish for all of my fellow island-teachers.  When we attend webinars, read articles, or attend (online) conferences, find someone with interesting ideas, and reach out to them.  Ask them to share a cup of coffee and talk shop.  Help each other get the inspiration you need to keep going and create an educational space our children can grow in.  For the starting networker, it can be scary, but rest assured: a lot of people are willing to say “yes” to that invitation.  Let’s take the time to build bridges and support each other as professionals.  We may be islands, but that doesn’t make us alone.

——————————————————————————————————————————

Serving Multilingual Learners of All Ages.

https://www.valentinaesl.com/blog/archives/01-2022


Happy holidays!

As I’m writing this we’re already four days into the latest lockdown. It may not hold for everyone, but I’m sure many of us are feeling a mixture of disbelief, disappointment, and suspense over what COVID and the coming months may hold in store for us. What will Christmas be like this year? Will lockdown be extended after 14 January? Will remote teaching become the norm once again, and to what effect on pupils, students and staff? How will I keep in touch with friends, family, colleagues, students, pupils…?
And yet, the prospect of a new year is always hopeful: the transition holds a magical energy, empowering us to step out of our comfort zone and face our challenges.
Speaking of challenges: one that currently tops our list is the vakvernieuwing currently in the process of being formed. The English department is closely monitoring the developments in conjunction with the board, and providing input to the SLO to whom this project has been delegated. As you are reading this, we are providing the SLO with feedback on their first draft proposals.
Something to look out for is the first workshop for 2022, which is planned for March. Keep an eye out for an invitation! We also look forward to IATEFL in Belfast and congratulate Patty from the HAN who won our grant for the IATEFL Young Learners SIG.

On behalf of the entire board of the English department of Levende Talen

I wish you a Merry Christmas and a very happy New Year!

Koos van ‘t Hul

——————————————————————————————————————————————–

A small educational revolution

by Andrea Lutz

‘What will you take away from Covid in schoolyear ’21-’22?’

I asked some of my colleagues at the annual opening. The responses were varied.

For all of us teachers we take away some kind of special experience from th

e pandemic. Many of us were forced into transforming our lessons into a distance learning formulas. There was hardly any time to get used to this new learning environment.  I only know a few teachers that remained teaching physically throughout the long period of lock-down and school closings. You might think: ‘Lucky few’ but I believe they missed out on the small educational revolution that took place right under our noses.

All at once there was an abundance of free online Webinars which guided us towards improvement in this new challenge. Suddenly there were no borders, every new feasible idea was allowed to enter the educational field.There was no talk of rules and regulations instead fresh methodological and pedagogical ideas based on the latest insight on the impact of online education and home isolation where spread globally. Children, students, parents, carers, teachers, school leaders alike were affected; everybody had to switch roles the whole time! Personally I picked up many good practices and theories of which most worked out great in my own online lessons. Together with my team and students we kept focus and gave perspective to our students so they could reach their goals.

Finally the summer break allowed us to let out a deep sigh and start relaxing for a while. During one of those moments, when you were sipping a cool drink, or if you stayed here a hot cocoa, did you reflect on the past school year? Were you proud of what you achieved under the circumstances? I truly hope you were!

Now a new year is in front of us where we have to go back to face-to-face teaching after 18 months so let’s look to the future and see the possibilities of this moment. There is, more than ever, freedom in your classroom to engage students in meaningful lessons making use of the professional development you have gone through in the past year and a half. Make learning possible for all learners; distant or right in front of you. Adapt to this novel way of studying.

Have a jolly good year!!

 

If you would like more information on professional development, please visit our website under Teaching inspiration/ Professional development

https://engels.levendetalen.nl/teaching-inspiration/professionaldevelopment/

 

—————————————————————

Laatste loodjes wegen het zwaarst?

door Janice Wierenga

Er wordt vaak gezegd: de laatste loodjes wegen het zwaarst. Daarmee wordt bedoeld dat het laatste stukje het meeste doorzettingsvermogen vraagt. Nu de meivakantie in volle gang is en de zomervakantie in zicht komt (veel leerkrachten werken immers van vakantie tot vakantie), wordt dit één van de zinnen die ik de komende tijd weer veel zal horen. De mensen die dit zeggen over deze laatste onderwijsperiode van het schooljaar, zien er vaak tegenop en spreken over ‘volhouden’ en ‘nog even doorzetten’. 

 

Natuurlijk reken ik als leerkracht ook uit hoeveel weken het nog is tot de zomervakantie, maar wel met een ander doel. Ik heb juist het gevoel dat ik er nét lekker in zit en eindelijk weet wat mijn klas nodig heeft. Deze periode betekent daarom voor mij dat ik keuzes moet gaan maken: wat moet écht nog gebeuren de komende weken en wat kan ik dan nog meer? Ik barst nog van de ideeën!

 

Helaas valt Engels daarbij nog te vaak als één van de eerste dingen af bij leerkrachten in het basisonderwijs. Leerkrachten die aan de Kennisrotonde vragen hebben gesteld over Engels in het basisonderwijs, zullen hier gelukkig vast anders over denken. Uit deze praktijkgerelateerde onderwijsonderzoeken blijkt bijvoorbeeld dat het leren van Engels geen negatief effect heeft op de beheersing van Nederlands, ook niet bij meertalige kinderen. Uit een ander onderzoek van de Kennisrotonde blijkt bovendien dat de intensiteit en de inhoud van het lesaanbod cruciaal zijn voor de bevordering van de taalontwikkeling in een vreemde taal.  

 

Gelukkig heeft SLO onlangs focusdoelen opgesteld voor Engels. Focusdoelen zijn doelen die in de komende periode tot aan de zomervakantie 2021 prioriteit hebben en een stevige basis vormen voor doorstroom naar de volgende groep. Per fase en per vaardigheid staat duidelijk aangegeven waar je deze laatste periode aan kunt werken, inclusief aansprekende voorbeelden en werkvormen. Dit is heel handig voor leerkrachten die net als ik nog te veel willen doen in te weinig tijd en keuzes moeten gaan maken.

 

Dankzij deze focusdoelen weet ik precies hoe ik mijn resterende onderwijstijd op een goede manier kan besteden aan Engels. Kom nu maar op met die laatste loodjes!

 

Ben je zelf ook op zoek naar de juiste invulling voor de laatste periode? Lees dan verder op: 

https://www.slo.nl/npo/primair-onderwijs/

https://www.slo.nl/documenten/@18608/focusdoelen-engels-vvto/

 

Meer weten over de onderzoeken van de Kennisrotonde? Lees dan verder op: 

https://www.kennisrotonde.nl/vraag-en-antwoord/engels-aanbieden-aan-kinderen-met-een-achterstand-in-nederlands

https://www.kennisrotonde.nl/vraag-en-antwoord/relatie-vreemde-talendidactiek-en-leeropbrengsten-voor-engels-als-vreemde-taal

 

———————————————————————————————————————————————————————————————Meer ruimte voor de vaksectie – juist bij de talen

 Koos van ‘t Hul 

 Op veel scholen staat de samenwerking in de vaksectie al tijden onder druk: er wordt ruim tijd  besteed aan vakoverstijgende overlegstructuren waar veelal op generiek niveau over onderwijs wordt gesproken en in sommige scholen worden de vaksecties zelfs opgeheven! Wat werkt bij het ene vak moet toch ook werken bij het andereJuist voor de talen is dit een bijzonder ongelukkige gedachte: hoewel binnen de talen bijvoorbeeld formatief handelen en differentiatie een belangrijke plaats verdienen, vraagt het eigen, complexe karakter van taalonderwijs om een gedeelde, goed geïnformeerde en levende visie, en een voortdurend geactualiseerd curriculum dat het product is van intensieve en geïnspireerde samenwerking tussen vakexperts.  Dit gebeurt het beste In een stevig gepositioneerde en professioneel georganiseerde vaksectie. 

 Juist in deze tijd waarin de onderwijsachterstanden oplopen en leerlingen weinig lezen, schreeuwt het onderwijs om gerichte taaldidactiek  Daarnaast zal er de komende jaren als gevolg van curriculum.nu ook binnen de vaksectie veel afstemming en ontwikkeling nodig zijn.  

 Ik zou daarom willen pleiten voor meer ruimte voor de vaksectie bij de talen. Maar hoe benut je die ruimte als vaksectie optimaal? 

 

Organiseer het leiderschap 

 Een vreemdetalen sectie vraagt – net als ieder team – om leiderschap. Dat betekent dat de vaksectieleider hierin een sleutelrol vervult die meer omvat dan alleen het coördineren van in de vaksectie lopende onderwijsprocessen. In een succesvolle vaksectie fungeert de vaksectieleider als spreekbuis met het management, maar neemt ook op een goed geïnformeerde manier het voortouw in de doorontwikkeling van het taalonderwijs door  het professionele gesprek op gang te houden over visie, beleid en praktijk. Daarnaast is het van belang dat de vaksectieleider overzicht houdt over de ontwikkelingen in andere vaksecties. Tenslotte dient de vaksectieleider ook oog te houden op de naleving van gemaakte afspraken.  

Nu denk je waarschijnlijk: dat is nogal wat – en dat is het ook! De eerste stap is daarom dat scholen de rol van de vaksectie bij de onderwijsontwikkeling erkennen én investeren in een stevige positionering van de vaksectieleider. 

 

Houd oog op het vakmanschap 

 Binnen vaksecties is vaak veel vakmanschap aanwezig. Door de vaksecties meer eigenaarschap te geven over de invulling en verantwoording van hun onderwijs kunnen docenten meer verantwoordelijkheid nemen in de vormgeving van het onderwijs. Tegelijkertijd is het ook van belang dat de vakkennis en vaardigheden van de betrokken docenten op peil is en blijft. Het helpt hierbij als de vaksectie goed  op de hoogte is van de ontwikkelingen in het vreemdetalenonderwijs, en in staat is zich onderzoekend en professioneel-kritisch op te stellen. 

 Onderwijs dat door vakexperts wordt ontwikkeld in de talenvaksectie, gericht op effectieve didactiek, is onderwijs dat direct effect heeft in de klas. Dit alleen zou al een reden moeten zijn voor scholen om de vaksectie serieus te nemen. 

 

Maak  een kort en bondig plan 

 In veel vaksecties staat de onderwijsontwikkeling onder druk van de waan van de dag. Het helpt om een duidelijk en afgebakend PDCA-plan te maken waarin een beperkt aantal ontwikkelpunten voor een schooljaar worden opgenomen. Hiermee voorkom je als vaksectie dat de onderwijsontwikkeling tot een grinding halt komt zodra ergens in de school een proefballon wordt opgelaten. Nog belangrijker is dat het werken volgens een ontwikkelplan ervoor zorgt dat er met elkaar afstemming ontstaat over de tijdsbesteding, taakverdeling en prioriteiten én de kwaliteit van de onderwijsactiviteiten tegen het licht kan worden gehouden. 

 Terug naar de realiteit 

Nu hoor ik je denken: dit is prachtig, maar hoe nu verderIk zou iedere talenvaksectie willen oproepen: roer je! Organiseer het sectieleiderschap, stel met elkaar een doel en ga daarover in gesprek met je schooldirectie om de ruimte voor de talenvaksectie terug te pakken. Je hebt de wind in de zeilen – je moet alleen de zeilen bijstellen om de juiste wind te vangen. 

 

 

—————————————————————————————————-

Previous Blogs to share:

Feedback – I give it but they ignore it!

by Louise Taylor

Ever had that feeling that you spend hours providing feedback but that your pupils are not responding to it as you’d like? Have you ever thoroughly analysed the process around the feedback? What about the timing? The wording? The means? Below I propose a few ideas (based on a great deal of research into feedback and feedback literacy) which may help you rethink your own feedback processes.

 

  1. Feedback literacy – without going into too much detail, it’s important that your students actually understand the discourse you are using. What words do you use in your feedback? If you say “think about paragraph structure” – do your students know what you mean? If you say “incorrect use of tense” – do they understand the word “tense”? Make sure, in advance, that your students know the terminology you will use and, in case of doubt, provide short clear examples.
  2. Content – do you provide squiggles under incorrect words? Do you give hints? Think about how much information you provide: too much will seem nit-picky, but not enough seems like they’ve made the effort to produce work and you’ve not made the effort to review it. Provide your students with some clear tips as to how to improve their work.
  3. Peer – once you have created a safe environment in your class, think about implementing peer feedback. As long as the criteria are clear, the students are very capable of providing each other with feedback. This means much more feedback is possible than one teacher can provide in a short space of time.
  4. Criteria – make sure you let your pupils know what criteria you use when marking their work or providing them with feedback. Many schools now use rubrics. Why not discuss these with your pupils and ask them to provide you with feedback – sometimes their comments make a lot of sense and they will better understand the rubric if it is in “their language”. Another thing to think of with rubrics is the way in which we read them: in Europe we read from left to right. Many pupils do this with rubrics, so they stop reading at the “sufficient” column. How about reversing your rubrics and having the “excellent” on the left and “not yet” on the right? Psychologically, many pupils will read the first column as being the main aim for this assignment and will, therefore, aim for “excellence”!
  5. Timing – do you provide feedback on some work they have submitted “for a grade”? The next time they submit work may be weeks away, by which time they may have forgotten the feedback they just received. Much better is to be more cyclical about things, so make sure they submit work for formative feedback which they are more likely to process (in order to eventually receive a higher grade / better comments). Get them to resubmit twice, even. Then at the end, you provide them with some feed up. Even better – when they next submit work, ask them to record at the top of the work what the main feedback (feed up) was from the last bit of work so that you can see if they’ve processed it this time. This requires them to keep a journal or at least keep track of the main feedback.
  6. Means – is your feedback always written? Why not try recording it next time? You can use a multitude of online screen sharing programs to make an audio recording as you go through their written or even oral work. Research has shown that pupils tend to revisit this type of feedback more often as they hear the intonation and often find this feedback more personal.
  7. Exemplars – many pupils prefer to work from examples. Each year ask your class if you can keep (an anonymised copy of) their work to show to the next class. Your current class can then analyse the work they have received, together with your grading criteria and determine what feedback they would give. This often helps pupils to get a better grasp of what is expected of them and to understand the criteria for submission of oral or written work. This then also helps them better understand the feedback they receive.

 

If you’d like any more information on feedback processes, please don’t hesitate to contact us. We have a mountain of literature on it we can share with you, together with our own personal experiences of feedback.


Burnout op de werkvloer

door Amy Klipp

Maart 2020 gingen ineens alle scholen dicht.  Het roer ging subiet om in heel het onderwijs en er kwam een hoop energie vrij terwijl leraren massaal overuren maakten om de overgang van ‘live’ naar ‘online’ les te realiseren.  Er werd een zware wissel getrokken op heel het  onderwijsland, en dat heeft ons meer gekost dan we weten, vermoed ik.  We gingen ervoor met z’n allen, de schouders eronder en doorgaan, want we weten niet beter dan dat het zo hoort, nietwaar?

Ruim een half jaar later waart Covid-19 nog steeds rond.  Er wordt wel  of niet met maskers op door de gangen gelopen, er wordt wel, of deels, of niet ’live’ lesgegeven, en onderwijzers merken nu dat ze steeds het spagaat moeten spannen tussen ‘live’ en ‘online’ lesgeven.  Collega’s, studenten en leerlingen vallen uit nu meer dan ooit met alle gevolgen van dien.  In mijzelf herkende ik – met de constante vermoeidheid, spierpijn, moeite met lezen – de eerste tekenen van burn-out.  Bij de vakbond vertelden ze dat ze tegenwoordig platgebeld worden met soortgelijke gevallen. Die nieuws was tegelijk troostend én zorgwekkend.  Ik was niet alleen, maar wij zijn met zo veel!

Burn-outs zijn geen teken van zwakte, maar dat de energiestroom uit balans is geraakt: er wordt meer uitgegeven dan wat je binnenkrijgt.  Daarvoor zijn vele oorzaken die per persoon verschillen. Volgens thuisarts.nl heb je een burn-out als je al een half jaar last hebt van spanningsklachten zoals lichamelijke of geestelijke moeheid, prikkelbaarheid, of niet tegen drukte of lawaai kunt. Ook als je het gevoel hebt dat je de problemen in je leven niet meer aankan, en als het je niet lukt om de gewone dagelijkse bezigheden goed te blijven doen.  

Herkenbaar?  Wees hier extra alert op, zeker nu de covid-crisis een langetermijn-zorg wordt.  Geef het aan bij je directie wanneer je bij jezelf deze symptomen herkent; pas als je dat doet, kun je ruimte krijgen om aan herstel te werken of zelfs om een burn-out te voorkomen.  Een burn-out is een complexe ziekt die de tijd nodig heeft voor herstel.  Geef dus tijdig aan wanneer je symptomen bij jezelf herkent, want dat is sleutel tot een spoedig herstel.

 

Meer informatie?  Raadpleeg deze sites:

http://ont-keten.be/w/5-mythes-burnout/

https://www.thuisarts.nl/overspannen/ik-heb-burn-out

…of bel je vakbond.

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail